Categorie archief: 2009

Boeddha en ik

Gisterenavond tijdens een bijeenkomst in Venlo viel zomaar uit mijn mond dat ik van God wel los ben. Iemand sprak me daar op aan en vroeg wat ik daarmee bedoelde. Ik moest denken aan een koan van meester Rinzai: “Als je een Boeddha ontmoet op de weg, doodt hem dan”. Wat ik bedoelde te zeggen is dat ik los wil van ieder idee over wat God (of Boeddha is), dat ik iedere verwijzing naar iets buiten mijzelf (iets hogers en heiligers dat ik nog zou moeten bereiken en waar ik zou moeten streven) radicaal wil verwijderen. Geen enkel idee, geen enkel concept. Wie ben ik? Zeggen dat ik Boeddha ben is hetzelfde als zeggen dat ik niet weet wie ik ben. Zo grensloos zijn, zo grensloos mezelf zijn. Is dat wat Bodhidharma bedoelde toen hem gevraagd werd wie hij was en hij antwoordde “Dat weet ik niet”? (Shoyoroku koan 2).

Stilte

Wat zou ik kunnen zeggen over stilte zonder te vervallen in de tegenstelling tussen stilte en geluid, tussen spreken en zwijgen? 
Vanavond zei iemand in de zendo dat je wel in stilte kan zitten, maar dat dat meestal niet betekent dat er van binnen ook stilte is. Zo helder! Mijn logische en lawaaierige brein laat geen stilte toe. Maar als ik alle onderscheid laat vallen en spreken en zwijgen zonder verdere uitleg en betekenis blijven, dan zijn mijn woorden vervuld van stilte. En mijn stilte is vervuld van alle geluiden. Geen enkel woord kan de betekenis beschrijven van mijn ware aard en tegelijkertijd is ieder woord een expressie daarvan.

Telkens loslaten

Vanochtend nèt voor zazen, scheurde ik het blaadje van 25 november af van de zenkalender die ik ieder jaar krijg van een dierbare vriend. Even een flits van Charlotte Joko Beck: “Verlichting is niet iets wat je bereikt. Het is de afwezigheid van iets. Je hele leven lang al ben je op weg geweest naar iets, heb je een of ander doel nagestreefd. Verlichting is dat allemaal loslaten”.

Moe

Een cliënt belde net om te zeggen dat ze aanzienlijk later gaat komen dan ze voorzien had. Dus ik moet even een afspraak omzetten. Een collega belde kort daarvoor om advies te vragen over een computerprobleem. Even stoppen met schrijven en meedenken dus. Het toetsenbord van mijn laptopje weigert dienst. GVD! Dat is een probleem dat ik zelf niet op kan lossen. Allemaal onverwachte situaties waar ik maar mee moet zien te dealen. Soms (eerlijk gezegd vaak) vind ik dat maar lastig. Dan ga ik me er druk om maken en wordt het me allemaal te veel op een gegeven moment. Dat gaat mijn bange brein roepen: “Dat kan ik toch niet aan allemaal?” Het valt me de laatste tijd erg op dat als ik het druk heb en moe ben en het gewoon zo laat zijn, dat ik dan veel minder last heb van drukte en moeheid. Maar als mijn IK daaraan toevoegt: “Jeetje wat ben ik moe zeg! En net nu ik het zo druk heb”, dan versterk ik de vermoeidheid en de stress en ga ik daaraan lijden. Kan er zonder IK gewoon moe zijn? Moe is.

Ontmoetingen

Iedere dag brengt tientallen ontmoetingen. Intense, bijvoorbeeld die met mijn cliënten of mijn mede-beoefenaren in de zendo, en minder intense, bijvoorbeeld met de cassiëre van de Albert Heijn. In iedere ontmoeting kan ik (als ik wil) de ander volledig tegenkomen. En daarin kom ik dus ook volledig mezelf tegen. Jammer genoeg ben ik in die ontmoetingen meestal vooral bezig met andere dingen dan de ontmoeting zelf. Ik ben bezig met mijn gedachten, mijn wensen, mijn doelen, mijn gevoelens, en heel vaak met de vraag: “Wat zal die ander van me vinden? Doe ik het goed? Doe ik het niet goed?” Kortom; IK ben bezig met IK en alle dingen die IK belangrijk vind en die me telkens afbrengen van datgene in mij wat er hier en nu is. 
Rumi schreef ooit: “Ver voorbij ideeën over juiste handelingen en onjuiste handelingen, ligt een veld. Daar zal ik jou ontmoeten”.

Zazen op donderdagmorgen

Vanmorgen bij wakker worden hoorde ik een ruige regenbui rammelen aan de ramen. Guur herfstweer. Zittend op de rand van ons warme bed zei ik tegen Helen dat wie door dit hondenweer zo vroeg naar de zendo komt echte toewijding aan de dharma moet hebben. Want waar ik zelf gewoon bijna uit mijn bed de zendo in kan rollen, moeten anderen door weer en wind. En toen kwamen er zomaar drie mensen door weer en wind en duisternis naar de zendo. Dat is dus toewijding. Soms vraag ik me af of we wel voldoende waardering hebben voor ons eigen doorzettingsvermogen, onze eigen moed, ons eigen mededogen. Ik luister veel vaker en laat me veel dieper raken door mijn innerlijke criticus (die alles wat ik doe maar matig vindt en die nu waarschuwt dat ik gemakzuchtig dreig te worden en die dit stukje intussen behoorlijk klef begint te vinden). Mag ik alles ook met mildheid aanschouwen? Alles omvatten in eenheid en niets uitsluiten is een omarming van al. Dat kan je dus ook al omvattende liefde noemen. 

Parijs – Den haag

Op weg terug in de trein van Parijs naar Den Haag ben ik in slaap gevallen. Zonder dat ik dat zelf merkte vielen mijn ogen dicht. Mijn laatste zicht op het Noord-Franse landschap was van een stralende schoonheid. Een heldere herfstnamiddag met overdrijvende buienwolken waar tussendoor de zon een oranje strijklicht wierp. Toen mijn ogen weer open gingen was de nacht gevallen en reden we Brussel binnen. Ogen dicht, ogen open, alles is anders. Telkens is het zo. Als de los van elkaar staande beeldjes van een film. Losse beelden die mijn ik aaneenschakelt om er een verhaal van te maken (want ik ben verslaafd aan verhalen). Maar het is alleen maar een film, een illusie. Het moment is telkens anders, telkens nu. In feite is mijn neiging overal een verhaal van te maken ook helemaal niet nodig. Het verhaal leidt af van de werkelijkheid. Dit nu behoeft geen verleden, noch een toekomst. Dit moment is dit moment.

Handleiding

Als ik een probleem heb, heb ik nog wel eens de neiging om vreselijk moeilijk te gaan doen, op zoek naar duidelijkheid. Maar eigenlijk zou ik mezelf steeds een oude uitdrukking moeten voor houden uit mijn ingenieurstijd namelijk: LEES EERST DE HANDLEIDING VOOR JE DE HELPDESK BELT. Veel van mijn vragen zijn heel simpel zelf te beantwoorden. En eigenlijk hebben mijn vragen zelden een antwoord nodig. De vraag is voldoende. Die nodigt namelijk uit om mijn racende brein vol onzekerheden en neurotisch gedoe te laten voor wat het is en gewoon mijn hart te openen, mijn innerlijke handleiding die geen handleiding is maar directe spontaniteit. Dit is de intimiteit tussen mijzelf en mijzelf. Kan ik gewoon vertrouwen op mijn hart? Kan ik mijn twijfel gewoon mijn twijfel laten zijn zonder daar iets van te vinden? Ik vind dat vaak vreselijk moeilijk. Maar gelukkig heb ik een hele goede helpdesk (mijn leraar) en die doet niets anders dan mij steeds terug te wijzen naar binnen, naar mijn hartleiding.

zazenkai

Terug van de zazenkai in Limburg. Ik gloei nog een beetje na van dit weekeinde. Warm, vrolijk, ernstig, uiterst verbonden. En ik voel me enorm gesteund door de sangha. Als leraar in de dop voel ik me soms als een kind dat net leert lopen terwijl iedereen liefdevol oplet dat ik me nergens aan stoot en niet omval. Het sleutelwoord voor het weekeinde bleek intimiteit te zijn en daarvoor is veel moed nodig, en openheid. Van iedereen. Het was zo duidelijk. Intimiteit is wat ontstaat uit de openheid van tenminste twee mensen. Wat ontstaat uit de openheid van twintig mensen valt buiten elke beschrijving. 

Rungis

Van Helen kreeg ik “Ode aan de Arbeid” van Alain de Botton. En al lezende dacht ik aan mijn bezoeken aan Rungis, de gigantische versmarkt vlakbij Parijs (vroeger Les Halles, maar toen dat te klein en onhygiënisch werd, werd de hele santenkraam verplaatst naar Rungis). Ik ben er een aantal keren voor dag en dauw geweest met Michel Dubois Sensei, om inkopen te doen voor sesshins en het daklozenproject dat hij runt. Rungis moet je gezien hebben om te kunnen geloven. Het schijnt de grootste versmarkt ter wereld te zijn. Je kan er nagenoeg alles krijgen op het gebied van voeding en al die voedingsmiddelen komen van over de hele wereld. De verse tonijnsteaks in grote piepschuimen ijsbakken zijn twee dagen eerder gevangen in de Indische Oceaan, één dag daarna verwerkt en verpakt in India, ’s nachts per Jumbo-jet naar Charles de Gaulle gevlogen en hier ’s morgens om half zes te koop. In de middag liggen ze in de keuken van een restaurant en ’s avonds worden ze geserveerd. In 48 uur van de Indische Oceaan naar een bord in Parijs. En daarbij zijn vissers, inkopers, keurmeesters, fileerders, verpakkers, monteurs, ingenieurs, marketing deskundigen, schoonmakers, ambtenaren, chauffeurs, piloten, bouwkundigen, bouwvakkers, magazijnmedewerkers, enzovoorts, betrokken. En al de betrokkenen hebben weer familie die voor hen zorgt en waar ze voor zorgen. En als die ’s avonds hun maaltijd eten zijn er weer anderen betrokken bij het produceren van al datgene dat die mensen weer eten. Hetzelfde geldt voor je boterham, de boter, het beleg, je schoenen, je kleren, je toiletpapier enzovoorts. Bij iedere handeling die je doet, is de hele wereld betrokken. Sta daar bij stil en weet: Ik ben de hele wereld, de hele wereld is ik.